Nieuwsbrief ontvangen

Geef uw mailadres op en ontvang de gratis nieuwsbrief
Medische Innovaties.NL



indienen

ABCDEFGHIJKL
MNOPQRSTUVWX
YZ


Ziektebeeld: Rug

Minimaal-invasieve chirurgie verhoogt de overlevingskans voor wervelfractuurpatienten

Evaluatie van gegevens van meer dan 850.000 patiënten wijst vier jaar na de behandeling op een hoger overlevingspercentage bij patiënten met wervelfracturen die chirurgisch werden behandeld, en dan met name met ballon-kyphoplastie

Medtronic, Inc. maakt de resultaten van een retrospectieve database-analyse bekend. Deze analyse toont aan dat een patiëntengroep boven de 65 jaar in de VS, bij wie wervelfracturen behandeld werden met minimaal-invasieve chirurgie vier jaar na de behandeling een hoger overlevingspercentage hebben dan een patiëntengroep die niet werd geopereerd. De evaluatie is nog in afwachting van een beoordeling van de conclusies door de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA).

De analyse toont tevens aan dat de subgroep met patiënten die behandeld werd met ballon-kyphoplastie, een van de twee toegepaste minimaal-invasieve procedures, vier jaar na de behandeling een hoger overlevingspercentage heeft dan de subgroep die met vertebroplastie behandeld werd.

Hoewel zowel ballon-kyphoplastie als vertebroplastie beide minimaal-invasieve procedures voor de behandeling van wervelfracturen zijn, zijn de procedures toch heel verschillend. Vertebroplastie stabiliseert de fractuur alleen maar. Ballon-kyphoplastie is ontwikkeld om de fractuur niet alleen te stabiliseren, maar probeert ook de vervorming van het wervellichaam te corrigeren door het opblazen en weer verwijderen van orthopedische ballonnen voorafgaand aan het injecteren van een viskeuzer botcement onder lage manuele druk.

Deze eerste vergelijking van mortaliteitsrisico over een langere periode tussen geopereerde en niet-geopereerde patiëntengroepen met wervelfracturen en tussen ballon-kyphoplastie- en vertebroplastiesubgroepen, gebaseerd op een populatie-brede database in de VS, is onlangs online gepubliceerd in The Journal of Bone and Mineral Research.[i]  

In deze evaluatie bekeken onderzoekers gegevens van het Amerikaanse Medicare-bestand met een populatie van 1 miljoen patiënten die tussen 2005 en 2008 vertebrale compressiefracturen hadden. Nadat de deelnamecriteria waren toegepast, werd een populatie van 858.978 patiënten met wervelfracturen geanalyseerd. Deze populatie omvatte
119.253 patiënten - oftewel 13,9% - die met ballon-kyphoplastie, en 63.693 - oftewel 7,4% - die met vertebroplastie werden behandeld. De rest van de patiënten kreeg alleen een niet-chirurgische behandeling zoals pijnstillers, bedrust, fysiotherapie of het dragen van een rugkorset.

Hoewel er jaarlijks wereldwijd naar schatting 1,4 miljoen[ii] invaliderende en pijnlijke wervelfracturen ontstaan, was het verband tussen overleven en chirurgische behandeling voor deze pijnlijke fracturen vóór deze evaluatie onbekend. De evaluatie werd gezamenlijk uitgevoerd door Exponent, Inc., een wetenschappelijk en technisch adviesbureau, en Medtronic, marktleider op het gebied van ballon-kyphoplastie met wereldwijd meer dan 900.000 met Kyphon® Ballon-Kyphoplastie behandelde wervelfracturen. 

De belangrijkste bevindingen van de evaluatie na vier jaar follow-up zijn:

- De subgroep bij wie de wervelfracturen chirurgisch behandeld werden met ofwel ballon-kyphoplastie ofwel vertebroplastie, heeft een statistisch significant hoger gecorrigeerd overlevingspercentage van 60,8% dan de groep die een conservatieve of niet-chirurgische behandeling onderging; bij hen was het percentage 50% (p<0,001). De met chirurgie behandelde groep had 37% minder kans om te overlijden dan de groep die niet geopereerd werd (p<0,001).

- De patiëntensubgroep die ballon-kyphoplastie onderging, heeft een statistisch significant hoger overlevingspercentage van 62,8% dan de subgroep die met vertebroplastie behandeld werd, voor wie het percentage 57,3% is (p<0,001). Het relatieve mortaliteitsrisico voor de kyphoplastiesubgroep was 23% lager dan dat voor de vertebroplastiesubgroep (p<0,001).

- De grotere overlevingskans voor de patiëntengroep die behandeld werd met minimaal-invasieve chirurgie, werd bevestigd door een analyse van een subgroup van deze patiënten die een jaar na de eerste wervelfractuurdiagnose nog in leven waren. De kans op overlijden voor het einde van de studie van deze groep was 18% minder groot dan voor de groep die een niet-chirurgische behandeling onderging (p<0,001). Kijkend naar het type chirurgie dat werd toegepast, was de kans op overlijden voor het einde van de studie voor de ballon-kyphoplastiegroep  24% minder groot, en voor de vertebroplastiegroep 7% minder groot (beiden p<0,001).

- Bepaalde demografische factoren zoals geslacht, leeftijd en lagere socio-economische status zijn uit de analyse naar voren gekomen als statistisch significante mortaliteitsrisicofactoren voor patiënten met wervelfracturen (ongeacht de behandelmethode). Het mortaliteitsrisico van mannen was hoger dan dat van vrouwen, patiënten ouder dan 75 hadden een hoger mortaliteitsrisico dan de groep van 65-69, en patiënten met een lagere socio-economische status hadden een hoger mortaliteitsrisico dan patiënten met een hogere socio-economische status (allen p<0,001).

- Analyses van de behandeleffecten wezen er sterk op dat de mortaliteitsverschillen tussen de drie bestudeerde groepen niet verklaard kunnen worden door patiëntenkenmerken zoals gezondheidstoestand of andere tegelijkertijd aanwezige aandoeningen (comorbiditeiten).

"We zijn zeer verheugd met de uitkomst van deze evaluatie die wijst op een significant hogere overlevingskans voor de subgroep bij wie de vertebrale compressiefracturen met ballon-kyphoplastie behandeld werd, in vergelijking met de subgroep die vertebroplastie onderging," zegt Av Edidin, Ph.D., een van de auteurs van de evaluatie en vice president Science and Technology van de Spinal & Biologics-divisie van Medtronic. "We hopen dat deze evaluatie een ander licht kan werpen op deze belangrijke kwestie voor de volksgezondheid, een wetenschappelijke discussie op gang zal brengen en tot toekomstig onderzoek zal leiden naar de redenen van de betere overlevingskansen van patiëntengroepen die voor hun wervelfracturen chirurgisch behandeld worden in vergelijking met groepen die niet geopereerd worden."

Ballon-kyphoplastieproducten van Medtronic worden wereldwijd ingezet voor de behandeling van wervelfracturen, hand-, scheenbeen-, pols- en hielbeenfracturen veroorzaakt door osteoporose, sommige kankervormen, goedaardige laesies en trauma. In de VS is trauma geen indicatie.

Aan Kyphon Ballon-Kyphoplastie zijn risico's verbonden (bv. cementlekkage), inclusief ernstige complicaties waarvan sommige in zeldzame gevallen fataal kunnen zijn.  Deze procedure is niet voor iedereen geschikt.  Er is een voorschrift vereist.  Patiënten moeten hun arts raadplegen voor een volledige lijst van indicaties, contra-indicaties, voordelen en risico's.  Alleen de patiënt zelf en zijn/haar arts kunnen bepalen of deze procedure geschikt is en toegepast wordt bij hem/haar.

Meer informatie over Kyphon® Ballon-Kyphoplasty kunt u vinden op www.balloonkyphoplasty.com

Beperkingen
Vanwege het retrospectieve, observationele karakter van deze evaluatie werd het oorzakelijke verband tussen chirurgische behandeling, niet-chirurgische behandeling en betere patiëntoverleving niet onderzocht, en kon dit ook niet worden onderzocht.  Hoewel patiënten in de niet-chirurgische behandelgroep hogere mortaliteitspercentages hadden dan de chirurgiegroep, werd bij de evaluatie ook niet naar de oorzaken voor hun overlijden gekeken.

 

Datum: 22 februari 2011
Bron: Persbericht Medtronic

 

 

Test rugimplantaat op varkens

De wervelkolommen van mensen en varkens lijken zo op elkaar dat rugimplantaten op varkens kunnen worden getest. Dat stelt Iris Busscher in een proefschrift waarop ze op 1 december promoveert aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Lees verder


Belgische primeur bij rugoperaties: één dag na rugoperatie weer op de been

Dankzij een rugoperatie met een nieuw soort kunstimplantaat kunnen patiënten de dag na de ingreep alweer bewegen. Bij een klassieke methode is dat pas na twaalf weken.

Lees verder


Belgische primeur bij rugoperaties: één dag na rugoperatie weer op de been

Dankzij een rugoperatie met een nieuw soort kunstimplantaat kunnen patiënten de dag na de ingreep alweer bewegen. Bij een klassieke methode is dat pas na twaalf weken.

Lees verder


Paracetamol beter bij lage rugpijn

Mensen met lage rugpijn kunnen beter paracetamol slikken dan ontstekingsremmers zoals ibuprofen. De pijnstillers hebben een vergelijkbare werkzaamheid, maar paracetamol heeft minder bijwerkingen. Toch gebruiken verreweg de meeste mensen met lage rugpijn ontstekingsremmers. Dit blijkt uit een studie over lage rugpijn waarop Pepijn Roelofs woensdag 17 februari promoveert aan VUmc. Roelofs deed ook onderzoek naar de effectiviteit van ruggordels. Thuiszorgmedewerkers met lage-rugpijnklachten die een ruggordel dragen, hebben aanzienlijk minder pijn. Bovendien besparen ruggordelgebruikers gemiddeld 235 euro per jaar aan zorgkosten.

Lees verder


Tien keer minder röntgenstraling met nieuw röntgentoestel UMCG

Als eerste ziekenhuis in Nederland heeft het Universitair Medisch Centrum Groningen een röntgentoestel in gebruik genomen, dat speciaal ontworpen is voor het maken van foto’s van de wervelkolom. Dit röntgentoestel biedt bij deze opnamen grote voordelen vergeleken met een conventioneel röntgentoestel. Zo geeft het toestel een tien maal lagere dosis röntgenstraling, een betere beeldkwaliteit en enorme tijdwinst.

Lees verder


Oplosbaar implantaat verkleint risico’s werveloperatie

Het gebruik van oplosbare implantaten verkleint het risico op complicaties bij operaties voor rugklachten. Voor deze operatie, waarbij twee of meer wervels verbonden worden, gebruikten artsen voorheen niet oplosbare implantaten van bijvoorbeeld titanium of carbon. Orthopedisch chirurg in opleiding Matthijs Krijnen onderzocht het gebruik van een oplosbaar implantaat, bestaande uit melkzuur. Hij droeg met zijn onderzoek bij aan de ontwikkeling van een oplosbaar implantaat bij nekwerveloperaties. Krijnen promoveert 19 september aan VU medisch centrum in Amsterdam.

Lees verder


Cement als opvulmiddel bij botdefecten

Calciumfosfaatkeramieken zijn veelbelovend als botvervangers op het gebied van de tandheelkunde, orthopedie en reconstructieve chirurgie. Helaas zijn deze keramieken alleen verkrijgbaar als blokken en korrels, waardoor een onvolledige en instabiele vulling van het botdefect optreedt. Een oplossing voor dit probleem is om calciumfosfaat in cementvorm te injecteren in het botdefect, blijkt uit onderzoek van Dennis Link. Bovendien blijkt dat de botaanmaak versneld wordt door aan het cement synthetische (polymelkzuur of gelatine) microbolletjes toe te voegen.

Lees verder


Neuromonitoring tijdens correctieve rugoperaties

Zenuwschade na rugoperaties is een ernstige complicatie met verstrekkende gevolgen voor de patiënt. Om de risico’s te verkleinen kunnen tijdens deze operaties de zenuwbanen worden getest; dit wordt neuromonitoring genoemd. Neuromonitoring wordt verricht door evoked potentials op te wekken. SSEP (somato sensory evoked potentials) wordt veel gebruikt, maar is niet betrouwbaar voor het opsporen van schade aan de zenuwen die de spieren aansturen (motorische zenuwen). Sinds enige jaren bestaat de mogelijkheid om motorische evoked potentials toe te passen die direct en snel de intactheid van de motorische zenuwen testen. Dit kan via toepassing van transcraniële motor evoked potential neuromonitoring (TES-MEP) tijdens correctieve rugoperaties.

Lees verder




Zoeken

indienen